Hindo(e)stanen zijn een bevolkingsgroep in Suriname van Indiase of andere Zuid-Aziatische afkomst. De Hindoestanen kwamen vanaf 1873 vanuit het toenmalige Brits-Indië naar Suriname. Na de onafhankelijkheid van Suriname in 1975, vertrok-ken veel Hindoestanen naar Nederland. In Suriname maken de Hindoestanen met ongeveer 180.000, 27,4% uit van de totale bevolking. De Hindoestaanse gemeenschap is vooral gevestigd in Nickerie en de districten Paramaribo, Wanica en Commewijne. In Nederland. Ook zijn er aanzien-lijke Hindoestaanse gemeenschappen te vinden in Guyana, Jamaica, Trinidad en Tobago, en kleinere gemeenschappen Hindoestanen in Midden-Amerika. De term, "Hindo(e)stanen" of "Hindo(e)stani" sloeg oorspronkelijk op mensen die in Noord-India woonden, langs de Indus rivier. Deze rivier werd in middeleeuws-Perzisch Sindhu genoemd, waarvan de termen "hindoe" "hindoestaan" en "hindoeïsme" zijn afgeleid. India, en specifiek Noord-India (waar de Hindostanen oorspronkelijk vandaan komen), kreeg de naam Hindoestan en zijn inwoners werden Hindo(e)stanen genoemd. Contractarbeid Na de afschaffing van de slavernij in 1863 weigerden veel voormalige slaven nog langer op de plantages te werken. Suriname, dat toen gekoloniseerd was door Nederland, ging op zoek naar nieuwe en vooral goedkope arbeidskrachten. Vanaf 1868 werkten er al Hindoestaanse immigranten afkomstig uit het Engelse deel van West-Indië (zoals Brits-Guyana) op Surinaamse plantages. Het betrof vooral Indiase immigranten die als contractarbeider naar Britse kolonies in West-Indië waren gekomen en na afloop van hun contract aldaar een nieuw contract voor Suriname sloten. In 1872 werd een traktaat gesloten met de Engelse regering. Dit werd in Engeland ondertekend door koningin Victoria op 10 februari 1872, en koning Willem III be-krachtigde het zes dagen later. Op 5 juni 1873 arriveerde het eerste schip met Brits-Indische contractanten, de Lalla Rookh, in Suriname. De 399 passagiers, voor wie bij vertrek uit Calcutta onduidelijk was waar ze precies terecht zouden komen, zetten voet aan wal te Fort Nieuw Amsterdam, nu de hoofdplaats van het district Commewijne. Het aanwervingscentrum van het koloniaal bestuur van Suriname zat in Calcutta, de hoofdstad van Bengalen. Het voornaamste wervingsterrein waren de United Provinces (tegenwoordig Uttar Oradesh en West-Bihar) in de Gangesvlakte van Noord-India. Deze streken behoorden tot de dichtsbevolkte gebieden ter wereld, met weinig andere bestaansmogelijkheden dan de landbouw. Tussen 1873 en 1916 kwamen ongeveer 35.000 Hindoestanen uit Brits-Indië naar Suriname. De contractanten lieten een armoedig bestaan in India achter zich, maar kregen het in eerste instantie in Suriname niet veel beter. Ze werden zeer slecht betaald, zodat ze ook wel 'cent-slaven' werden genoemd. Na berichten over hoge sterftecijfers bij de emigranten door onvoldoende medische verzorging, besloot de Brits-Indische regering de emigratie in 1875 te schorsen. Eén van de eerste opstanden van Hindoestaanse contractarbeiders tegen het plaatselijke gezag vond plaats in 1879 op de plantages Alliance en De Resolutie. In 1916 zette de Britse regering, onder druk van de nationalistische beweging onder leiding van Mahama Gandhi, de emigratie van contractanten naar alle delen van de wereld stop. De ruim 25.000 Hindoestanen die in Suriname bleven hebben inmiddels zo'n 300.000 nakomelingen in leven (waarvan ca. 120.000 in Nederland). Tegenwoordig In Suriname staan de Hindoestanen inmiddels bekend om hun ondernemerschap. Hoewel de politieke macht lange tijd in handen was van de Nederlanders en (daarna) de Creolen, hadden Hindoestanen een financieel-economisch overwicht ten opzichte van andere inheemse bevolkingsgroepen. Lange tijd leek het er op dat de Hindoestanen politiek weinig te vertellen hadden en zouden krijgen, maar hun positie, en dan vooral die van de VHP, is cruciaal voor het bereiken van meerder-heidsregeringen. Het Surinaamse parlement werd in de periode van 1984 tot 2001 (17 jaar lang), voorgezeten door VHP voorzitter Jaggemath Lachmon. Zelfdoding Een grote concentratie aan Hindoestanen woont in het district Nickerie. Dit district staat wereldwijd in de top-3 voor wat betreft zijn zelfmoordpercentage.
Bron: wikipedia |